Het aandeel 50-plussers onder verpleegkundigen werkzaam in de gezondheidszorg is sterk gestegen van 14 procent in 1999 tot 30 procent in 2008. Zij gaan over 10 tot 15 jaar met pensioen, zo waarschuwt het CBS.
Om aan de toenemende zorgvraag van de vergrijzende bevolking te kunnen voldoen, zullen er voldoende verpleegkundigen moeten zijn. Een goede benutting van het arbeidspotentieel van geregistreerde verpleegkundigen en een hoge instroom vanuit de opleidingen kunnen daaraan bijdragen.
De instroom van verpleegkundigen in de zorg is sinds het begin van de registratie elk jaar nog hoger dan de uitstroom, maar het verschil is de laatste jaren kleiner geworden. In 2008 startten 10,3 duizend verpleegkundigen met een baan in de gezondheidszorg, terwijl er 8,9 duizend verpleegkundigen hun arbeidsbetrekking in de zorgsector beëindigden. Van deze uitstroom ging 40 procent buiten de gezondsheidszorg werken en 60 procent stopte met werken. De belangrijkste bron van instroom van verpleegkundigen vormen de nieuw opgeleide verpleegkundigen. Het aantal geslaagde verpleegkundigen op mbo- of hbo-niveau steeg de laatste jaren, van 5,7 duizend in 2005/'06 tot 6,6 duizend in 2009/'10.
Verpleegkundigen gingen in 2008 minder vaak met prepensioen dan in 1999. In 1999 was 51 procent van de geregistreerde verpleegkundigen tussen de 60 en 65 jaar volledig met pensioen, tegenover 36 procent in 2008. Het aandeel arbeidsongeschikten daalde ook met enkele procentpunten, behalve bij de 60- tot 65-jarige verpleegkundigen.