Werkgevers in de zorg, onderwijs en techniek kunnen volgens het ROA problemen verwachten met de personeelsvoorziening. Hoe betrouwbaar zijn deze toekomstvoorspellingen en wat kunnen werkgevers zelf doen?
Het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht publiceerde gister het rapport ‘De arbeidsmarkt naar opleiding en beroep tot 2016'. Hierin worden grote knelpunten in de personeelsvoorziening voorspeld voor bepaalde medische en paramedische beroepsgroepen (zoals artsen, verpleegkundigen, doktersassistenten), technische en industriële beroepsgroepen (zoals technisch analisten, werktuigbouwkundigen, weg- en waterbouwkundigen en grafici) en in het onderwijs (leraren basisonderwijs, docenten 1e en 2e graad, pedagogen). Drie vragen over deze knelpunten aan Didier Fouarge, onderzoeker bij het ROA.
Hoe komt het ROA tot deze te verwachten knelpunten? Fouarge: 'We hebben gekeken naar de instroom van schoolverlaters met een bepaalde opleidingsachtergrond, het verwachte verloop van personeel door bijvoorbeeld pensionering, inactiviteit of baanveranderingen, de ontwikkelingen in de werkgelegenheid in het verleden en de verwachte ontwikkelingen voor de toekomst. Bepaalde beroepsgroepen zijn onderling uitwisselbaar, ook dat hebben we in de verwachtingen meegenomen. We hebben geen enquêtes gehouden onder werkgevers, dat is toch een methode met een andere waarde.'
Hoe betrouwbaar zijn de voorspellingen? Fouarge: 'We doen deze onderzoeken al heel lang en we evalueren achteraf altijd: waar hebben we het mis gehad? We zitten fout in 20 procent van de voorspellingen. Daar staat tegenover dat we het in 50 procent van de voorspellingen goed hebben en in 30 procent van de voorspellingen zitten we er maar 1 categorie naast. Dat betekent dat wij bijvoorbeeld verwachtten dat een knelpunt 'zeer groot' zou zijn, maar dat achteraf het knelpunt slechts 'groot' bleek te zijn.'
Wat kunnen werkgevers zelf doen om deze knelpunten te omzeilen? Fouarge: 'Het is zaak om als werkgever te kijken of de knelpunten op jouw bedrijf van toepassing zijn. We hebben een onderverdeling gemaakt in beroepsklasen, maar daarbinnen kunnen wel weer verschillen optreden. Binnen de economisch-administratieve beroepen verwachten we geen knelpunten, maar een uitzondering daarop vormt de vraag naar universitair afgestudeerden economie. Binnen de technische beroepen worden knelpunten verwacht, maar bijvoorbeeld niet voor elektrotechnici. Verwacht je als werkgever moeilijk aan personeel te kunnen komen in een bepaalde beroepsgroep, dan is omscholing een mogelijkheid. Dat is voor sommige sectoren natuurlijk beter op te lossen dan voor andere. Het omscholen van iemand tot leraar is bijvoorbeeld gemakkelijker dan het omscholen van iemand tot arts.'