Wie tussen de middag naar huis rijdt om even snel een bammetje te eten, mag de gereden kilometers opgeven als woonwerk verkeer. De fiscus zag dit toch nog toe anders, maar is nu in hoger beroep in het ongelijk gesteld.
In 2002 heeft de wetgever woon-werk verkeer aangemerkt als zakelijke kilometers. In 2006 is dat nogmaals bevestigd. Het gerechtshof in Arnhem heeft deze week geoordeeld dat dat ook geldt voor de kilometers die tussen de middag tussen werkplek en huis werden afgelegd. Een streepn door de rekening van de fiscus die deze ritten als privé bestempelde.
De zaak was aanhangig gemaakt door Mark de Jonge, fiscaal vennoot van adviesbureau BonsenReuling. De cliënt van De Jonge had een geschil met de Belastingdienst over gereden kilometers in de lunchpauze tussen woning en werk. De Rechtbank stelde de cliënt eerder al in het gelijk. Zij oordeelde dat inderdaad de wet, noch de parlementaire geschiedenis, noch de jurisprudentie aanleiding geven tot de constatering dat niet alle woon-werkkilometers zakelijk zijn. Hierdoor kon worden vastgesteld dat het aantal kilometers dat de cliënt voor privédoeleinden op kalenderjaarbasis had gereden minder was dan de toegestane 500 kilometer voor privédoeleinden. De Rechtbank vernietigde om deze reden de onderhavige naheffingsaanslagen. Het door de belastingdienst ingestelde hoger beroep is nu dus door het Gerechtshof verworpen.
De Vereniging Auto van de Zaak vraagt berijders op die op basis van de foute interpretatie van de wet door de belastingdienst een naheffing hebben gehad zich te melden. De VAvdZ biedt zich aan als belangenbehartiger en verzamelt de claims.