Zorgsector heeft minst te klagen over salaris in 2010
In 2010 waren de cao-lonen 1,3 procent hoger dan een jaar eerder. Hiermee volgden de lonen de inflatie. In 2009 stegen de salarissen nog een stuk harder, met 2,8 procent. Vooral de werknemers in de collectieve sectoren gingen erop vooruit.
Dat meldt het CBS. Met een stijging van 2,3 procent zijn de cao-lonen het meest toegenomen in de bedrijfstak gezondheid- en welzijnszorg. Weliswaar werd er een bescheiden loonstijging afgesproken in de cao voor Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg, maar de eindejaarsuitkering werd verhoogd en een aantal cao's in deze sector voorziet ook in een persoonlijk levensfasebudget. Werknemers van de overheid deden het vorig jaar ook niet slecht met een loonsverhoging van 1,8 procent. In de grootste cao-sector, de particuliere bedrijven, namen de cao-lonen met 1,0 procent het minst toe. De laagste loonstijging in deze sector is voor de bedrijfstak handel waar de cao-lonen vorig jaar met 0,7 procent stegen.
2010 kende een duidelijke waterscheiding. In de eerste helft van van het jaar lag de loonstijging nog boven de inflatie, in de tweede helft bleef de loonontwikkeling achter bij de inmiddels opgelopen inflatie. Dit is sinds 2005 niet meer voorgekomen. In het vierde kwartaal van 2010 lag de cao-loonstijging zelfs 0,4 procentpunt lager dan de inflatie. In de laatste tien jaar kwam de stijging van de cao-lonen gemiddeld 0,4 procentpunt boven de inflatie uit.
Dat de cao-lonen minder stijgen dan de inflatie betekent niet onmiddellijk dat werknemers er reëel in koopkracht op achter uit gaan. Het nettoloon is ook afhankelijk van de veranderingen in de premies die werknemers betalen voor pensioen, sociale verzekeringen en de loonheffing.