De helft van alle Nederlandse werknemers is er getuige van dat collega's worden ontslagen om vervolgens als flexwerkers weer te worden ingschakeld. 5 procent van de werknemers is dit zelf overkomen. Dat stelt de FNV op basis van eigen onderzoek. De vakbond spreekt van uitwassen en kaart de zaak aan bij het ministerie van Sociale Zaken.
Volgens de FNV heeft zestig procent van de flexwerkers niet uit vrije wil gekozen voor deze arbeidsvorm. In haar nieuwjaarstoespraak zei voorzitter Agnes Jongerius niet per se tegen flexibele arbeid te zijn, mits werknemers dat zelf willen. ‘Die keuzevrijheid van mensen is wat ons betreft essentieel. Daarom ook pleiten we voor meer zeggenschap van werknemers over plaats en tijd. Maar wat we vandaag aan de kaak stellen, zijn mensen met een vaste baan die weggewerkt worden en dan als flexkracht terug mogen komen. Dat willen we voorkomen. Zestig procent van de flexwerkers is kostwinner, blijkt bovendien. Hun bestaanszekerheid is in het geding. Je zult maar een gezin hebben of een huis willen kopen.'
Een derde van de flexwerkers is volgens het FNV-onderzoek niet blij met zijn contract. 45 procent heeft geen uitzicht op een vast contract. Bijna de helft zegt minder te verdienen dan collega's in vaste dienst.
Werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland zeggen zich niet te herkennen in het beeld dat door de FNV wordt geschetst. Zij stellen dat zonder de flexibele schil de Nederlandse arbeidsmarkt er aanzienlijk slechter voor zou hebben gestaan. De vakbond moet volgens de werkgvers de hand in eigen boezem steken. 'De gaat FNV totaal voorbij aan de nauwe relatie tussen flexwerk en het rigide ontslagrecht in ons land. Door hardnekkig te weigeren over aanpassing van het ontslagrecht met de werkgevers te spreken promoot de FNV zelf toename van flexwerk.'