Vakbonden FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond en De Unie hebben besloten geen partij meer te willen zijn in de cao voor payroll-bedrijven (VPO-cao). Doel van de cao was om concurrentie op arbeidsvoorwaarden uit te sluiten en mensen een gelijk pakket aan arbeidvoorwaarden en een rechtspositie te bieden.
Volgens de bonden gebruiken de werkgevers en de payroll-bedrijven de CAO echter om werknemers juist minder te geven dan werknemers die gewoon bij het inlenende bedrijf in dienst zijn.
Roderik Mol, bestuurder van CNV Dienstenbond: 'we zijn in de pay-roll cao gestapt om er voor de toekomst iets goed van te maken voor de werknemers. We hebben ons in de afgelopen tijd de blaren op tong gesproken om verbeteringen in de arbeidspositie van de 'payrollers' te realiseren. De pay-roll bedrijven geven echter niet thuis en echte interesse voor het lot van de werknemers ontbreekt. Tegelijkertijd worden steeds meer mensen in de pay-roll constructie aangesteld. Een onverantwoorde ontwikkeling waar we niet aan kunnen en willen meewerken.'
Jeu Claes, voorzitter van de Vereniging Payroll Ondernemingen (VPO) , zegt dat met de VPO-CAO de arbeidsvoorwaarden juist uitstekend geregeld zijn en dat werknemers en werkgevers hierdoor weten waar zij aan toe zijn. 'Flexibilisering van de arbeidsmarkt is onomkeerbaar. Dat geldt ook voor payrolling. De kunst is om veranderingen in arbeidsverhoudingen in goede banen te leiden. De VPO-CAO schrijft voor dat vanaf dag één de payroll-medewerker dezelfde primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden ontvangt als de medewerker in dienst van de opdrachtgever. Daarover, en over vele andere arbeidsvoorwaarden, hebben we uitgebreide afspraken gemaakt in onze VPO-CAO. Zo is loondoorbetaling bij ziekte geregeld van totaal 170 procent in de eerste twee jaar, hebben VPO-leden herplaatsingsverplichtingen wanneer het werk wegvalt, kent de VPO een eigen pensioenregeling en wordt er geld gereserveerd - 1 procent van de loonsom - voor opleidingen.'
De cao loopt definitief ten einde op 31 december 2011.