Bij de overheid werken nog 43.302 mensen voor wie het financieel meer oplevert om voor hun 65e jaar te stoppen met werken. Dat blijkt uit antwoorden die de ministers Piet Hein Donner (Binnenlandse Zaken) en Henk Kamp (Sociale Zaken) dinsdag gaven op vragen van Tweede Kamerleden Pierre Heijnen en Roos Vermeij (PvdA).
Aanleiding voor deze vragen was het aangekondigde vertrek van burgemeester Wim Denie van Moerdijk. Denie gaf toe eerder te stoppen met werken, omdat hij anders zijn vroegpensioenrechten verliest en minder geld ontvangt als hij doorwerkt tot zijn 65e.
Donner en Kamp schrijven dat de kwestie vanzelf oplost. Alleen personeel geboren voor 1950 komt nog in aanmerking voor een overgangsregeling die bij de afschaffing van vut- en prepensioenregelingen is ingesteld. Vanaf 2015 hebben al deze mensen de leeftijd van 65 jaar bereikt.